Maritiem Masterplan

Met het Maritiem Masterplan versnellen we de transitie naar emissievrije scheepvaart om klimaatverandering tegen te gaan en stellen we tegelijkertijd onze strategische autonomie op maritiem gebied veilig. Hiermee versterken we onze internationale concurrentiepositie en leveren we een belangrijke bijdrage aan het duurzame verdienvermogen van de Nederlandse economie.

 

Concreet verwachten wij met het Maritiem Masterplan minimaal 5,4 tot 7,2 miljard EUR tot 2050 aan de Nederlandse economie toe te kunnen voegen. Ook leidt uitvoering van het plan tot een CO2-reductie van minimaal 700 kiloton per jaar. Dit is gelijk aan de gemiddelde uitstoot van ruim 200.000 benzineauto’s.

 

Aanpak

We doen dit door betrouwbare, duurzame schepen tegen een concurrerende prijs te bouwen. Daarom investeren we in het modulair ontwerpen van emissieloze aandrijflijnen en in digitalisering van de energiesystemen over de hele levenscyclus van het schip. Hierdoor wordt tot 80% aan engineering-uren en 25% aan productie-uren bespaard. Ook wordt de doorlooptijd met 50% ingekort. Modulaire en digitale energiesystemen zijn cruciaal in de transitie naar en toepassing van emissieloze aandrijflijnen, omdat modulair gebouwde schepen relatief makkelijk hergeconfigureerd kunnen worden naarmate andere energiedragers in de toekomst beschikbaar komen. Door een aantal concrete emissieloze demonstratieschepen modulair te ontwerpen en te bouwen, ondersteund door digitalisering, creëren we een digitale innovatie-infrastructuur voor de lange termijn.

 

Achtergrond

Om als samenleving onze klimaatdoelstellingen te behalen moet de maritieme sector versneld verduurzamen

De maritieme sector staat voor een enorme duurzaamheidstransitie. De Nederlandse en Europese overheid hebben de klimaatambities recent nog verhoogd. Zo is in de Green Deal Binnenvaart, Zeevaart en Havens afgesproken dat de CO2-uitstoot van de zeevaart in 2050 met minstens 70% verminderd is ten opzichte van 2008. Voor de binnenvaart is afgesproken dat zij in 2050 emissievrij en klimaatneutraal moet zijn.

 

Binnen de EU heeft het fit for 55-pakket tot doel de netto-uitstoot van broeikasgassen in Europa in 2030 met ten minste 55% te verminderen ten opzichte van 1990. Eén van de initiatieven is ‘FuelEU Maritime’, welke nieuwe normen voorschrijft met betrekking tot de koolstofintensiteit van brandstoffen in de zee- en binnenvaart en die de opname van de zeevaart in het Europese ETS introduceert.

 

In de ogen van de Nederlandse overheid zijn huidige Europese maatregelen niet voldoende om in 2050 een volledig klimaat-neutrale scheepvaart te bereiken door de lange levensduur van schepen. Dit vraagt volledig klimaat-neutrale schepen in 2030.

 

De maritieme sector vervult zowel direct als indirect een cruciale rol in deze transitie:

 

  • Direct is de sector verantwoordelijk voor bijna 3% van de mondiale CO2-uitstoot en vrijwel volledig afhankelijk van fossiele brandstoffen. De verwachting is dat zonder de transitie naar duurzame scheepvaart de CO2-uitstoot tot 2050 met 18% stijgt door groende handelsvolumes.

 

  • Indirect is de sector een “enabler” voor andere onderdelen van de duurzaamheidstransitie zoals het aanleggen van windparken op zee en het transport van groene waterstof.

 

Het ontwikkelen van duurzame maritieme innovaties is een enorme economische kans

De maritieme sector staat nog aan het begin van deze duurzaamheidstransitie. Op dit moment zijn duurzame alternatieven nog niet technische haalbaar en economische rendabel. Op termijn zullen duurzame alternatieven economisch aantrekkelijker worden door klimaatbeleid (bijv. beprijzen van uitstoot middels ETS) en innovatie. De duurzaamheidstransitie creëert een grote, aantrekkelijke markt voor duurzame schepen. Volgens schattingen van internationale experts moet minimaal 1 tot 2 biljoen EUR geïnvesteerd worden om de scheepvaart in 2050 klimaatneutraal te maken. 180 tot 250 miljard EUR daarvan heeft betrekking op de schepen en omvat de systemen en opslag aan boord die nodig zijn om een schip op alternatieve brandstoffen te laten varen. Degene die (als eerste) innovatieve en betrouwbare duurzame oplossingen voor schepen kan aanbieden, kan internationaal marktleider worden.

 

Europa heeft een strategische noodzaak om een belangrijke speler te worden in de bouw van duurzame schepen

Op dit moment is Europa te afhankelijk van Azië voor scheepsbouw en van Rusland voor toevoer van energiedragers. Beide zijn essentieel voor het onafhankelijk gebruik van onze wateren voor transport, kustbescherming, energiewinning en maritieme veiligheid.

 

Waar Europese scheepseigenaren in 2000 nog 36 procent van hun schepen in Europa lieten bouwen, is dat 20 jaar later nog maar circa 15 procent, gebaseerd op Compensated Gross Tonnage (CGT). In diezelfde periode is het percentage schepen dat China bouwde voor Europese klanten, gestegen van 5 naar 35 procent. Als gevolg van grootschalige overheidssteun wisten China en Zuid-Korea de maritieme maakindustrie naar zich toe te trekken. Hierdoor bestaat voor Europa het risico om essentiële maritieme kennis kwijt te raken.

 

Ook importeerde Nederland tot voor kort dagelijks 414.000 vaten ruwe olie uit Rusland, welke o.a. gebruikt wordt voor het maken van brandstoffen voor schepen.

 

Een sterke Europese maritieme sector is noodzakelijk om de risico’s die deze afhankelijkheden meebrengen in de toekomst te mitigeren en zo de strategische autonomie van Europa te borgen.

 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Verena Ohms. Haar contactgegevens staan onderaan op deze pagina. Ook kunt u gebruik maken van de infomail van het Maritiem Masterplan wanneer u vragen heeft; info@maritiemmasterplan.nl

 

 

 

 

Contactpersoon Verena Ohms Bestuurssecretaris NML verena@maritiemland.nl